Veertigers als jongetjes van tien

Het is een favoriet onderwerp op feestjes en aan de borreltafel: verhalen van vroeger. En naarmate de tijd doortikt en de jaren verstrijken, worden de anekdotes uit vervlogen tijden steeds meer aangedikt en kleurrijker. Onder de streep overheerst bij mij -en veel van mijn vrienden- het gevoel van ‘konden we nog maar even dat jochie van vroeger zijn’. Onbevangen in het leven staan, alles wordt voor je geregeld. Na school met de bal onder je arm bij je voetbalmaatjes aanbellen met de vraag of ze mee willen doen. Dat is allemaal verleden tijd. Maar de hang naar nostalgie en de hunkering blijft.

Inspelen op dat gevoel lijkt moeilijk. Als man van 40 kan ik moeilijk met de bal onder mijn arm bij fietsmaatjes aanbellen of ze met mij naar het trapveldje willen gaan. Ik zou ook raar opkijken als ze bij mij voor de deur zouden staan om te gaan voetballen na het werk. Maar onderhuids zit dat verlangen er wel. Alleen onze cultuur staat dat niet toe. Dat verandert als een fitnesscentrum zo’n arrangement aanbiedt. De eerste fitnesscentra zijn er al die tijdens een circuittraining of een krachttraining spontaan besluiten om voor de liefhebbers een voetbalwedstrijd te organiseren. Op een nabij gelegen (kunst)grasveldje zes tegen zes spelen. Met jassen of pionnen als doelen. Net als vroeger. De animo voor zo’n recreatieve wedstrijdje blijkt groot. Dat verbaast mij niet. Het is een legitieme vorm voor alle deelnemers om weer even dat jongetje van 10 te zijn. Alleen hoeven ze nu nergens met de bal onder de arm aan te bellen, maar regelt de fitnessinstructeur dat.

En zo lopen op steeds meer plaatsen in Nederland groepjes mannen van middelbare leeftijd van het fitnesscentrum naar een trapveldje. Bal onder de arm, mouwen opgestroopt, stoere verhalen over hoe goed ze vroeger zelf waren, rode blosjes op de wangen. Om vervolgens de grootste lol te hebben, maar ook niet willen verliezen. Met de instructeur als spelleider. Terug in het fitnesscentrum wordt aan de bar de derde helft gespeeld. Dubbele winst voor de fitnessondernemer: tevreden klanten die zich weer even het jongetje van toen voelden en extra baromzet.

Dat fitnesscentra steeds meer van deze arrangementen gaan aanbieden, verbaast me ook niet. Want als je spinninglessen organiseert, waarom zou je dan ook niet kunnen gaan voetballen of volleyballen met je leden. Er zal steeds meer integratie gaan plaatsvinden tussen bewegingsvormen die van oudsher in fitnesscentra worden aangeboden en sporten die traditioneel tot het domein van het verenigingsleven behoren. Die scheidslijn zal vervagen. Fitnesscentra zullen zelf recreatieve wedstrijden voetbal, volleybal, handbal of basketbal gaan organiseren. Alleen of in samenwerking met de lokale sportverenigingen. Fitness 2.0. Ik juich die ontwikkeling toe. Want het belangrijkste is dat mensen zo weer (meer) plezier krijgen of behouden in sporten en bewegen. En zich weer even dat jongetje of meisje van 10 mogen voelen.

Ronald Wouters is sinds 2004 directeur van Fit!vak en is na zijn CIOS opleiding altijd actief geweest in de fitnessbranche.

Wil je reageren op zijn column mail naar r.wouters@fitvak.com